(0)

Selecteer Regio

PWA: Wat betekent dit alles voor onze mandatarissen?

In 2017 moeten we als goed huisvader onze PWA-bestuurdersrol goed opnemen en zorgen voor een verankering in de nieuwe werking. In 2018 moeten we in de hernieuwde structuren een hernieuwde rol opnemen.


Bovenstaande logica betekent dat de bestuurders ook in 2017 hun rol als goede huisvader moeten opnemen in het beheer en bestuur van de vzw. Zoals eerder gemeld worden ernstige nalatigheden en tekortkomingen niet gedekt door de bestuurlijke aansprakelijkheid. Daarbij doe we dus een appel om de toegekende engagementen verder op te nemen. Te meer daar 2017 een cruciaal jaar wordt in het clusteren van gemeenten om tot een werkbaar geheel wijk-werken te komen. En men in de financiële planning de bestemming van het vermogen zal agenderen. Een vermogen dat zal kunnen toegewezen worden aan de opstart van een wijk-werkorganisaties of naar een ander lokaal tewerkstellingsinitiatief.
Willen we dus een rol blijven spelen in het nieuwe wijk-werken dan zullen we ons lokaal engagement in 2017 ten volle moeten opnemen in de raden van bestuur PWA om een goede bestuurlijke doorstart in het wijk-werken te kunnen realiseren.

Na 01/01/2018:
De gemeenten zullen in het stelsel wijk-werken niet langer een verplichting hebben om te voorzien in een PWA-vzw. De gemeenten kunnen volgens het voorontwerp zelf de keuze maken wie de organisatie van het wijk-werken lokaal opneemt. Ze kan dit autonoom opnemen of een partner aanduiden die dit voor hen uitvoert. In die optiek komen de bestaande structuren vzw’s PWA in het vizier. Zij kunnen mits het fusioneren tot een minimale schaalgrootte (min 60.000 inwoners) wel de uitvoerder van het wijk-werken worden. In dit scenario kunnen we onze lokale betrokkenheid verankeren. De bezorgdheden situeren zich voornamelijk in het financieringsmodel, arbeidsvoorwaarden en vergoedingsstelsel voor de wijkwerken. Elementen die nog in een later stadium worden bepaald via uitvoeringsbesluiten.

Onze lokale verankering behouden
Zaak is om onze representatieve vertegenwoordiging zo structureel mogelijk in te bedden. Daartoe onderhandelen we met VVSG om dit principe op Vlaams niveau door te trekken. Met name om te zorgen dat de bestaande dynamiek en rol en betrokkenheid van het ABVV lokaal kan behouden blijven. Eerder werd reeds een engagement ondertekend tussen VVSG en de syndicale organisaties wat als startpunt dient voor verdere bespreking. Daaropvolgend organiseert VVSG (eventueel met ondersteuning van de vakbonden afhankelijk van de voorbespreking) een ronde van Vlaanderen om de huidige PWA- en lokale besturen te informeren.

De belangrijkste denkoefening die moet geconcretiseerd worden is het realiseren van de noodzakelijke schaalgrootte (60.000 inwoners). In heel wat regio’s is reeds een dynamiek op gang gebracht. Het gestelde streefdoel van 60.000 inwoners moet natuurlijk ook leiden tot een operationeel performant geheel. Met een wijk-werk-organisatie die draait op één medewerker wordt er geen oplossing geboden voor de huidige hiaten in het dienstverleningsmodel. Het zal dus zaak zijn een goede balans te vinden tussen lokale dynamieken en een performante draagvlak voor een operationeel model. Bovendien moet het uitvoerende luik met een grote laagdrempeligheid losgekoppeld worden van een lokale aansturing. En moet er eerder in regionale structuren worden gedacht om dit dienstverleningsmodel zo verfijnd mogelijk lokaal te realiseren. Bovendien moet onze betrokkenheid ook een duidelijke greep kunnen vormen op het voorkomen van lokale gemeenschapsdiensten die een precairder statuut voorzien dan de huidige PWA’s. Het laat ons ook toe de correcte toeleiding van werkzoekenden te bewaken. Met name zij die er nood aan hebben en niet zij die er verplicht toe worden bij gebrek aan alternatieven.

Terug Top